Vorige pagina    Harmony Assistant    Volgende pagina 
 

Inleiding
Producten
Wat is er nieuw ?
Handleiding
Notatie
Geluidsweergave
Inleiding
Regels
Effecten en expressie
Microtonale aanpassing
Vervangende stemming
Digitale Effect processor
Parameter curven
Gebruikerinstrumenten
Digitale audio tracks
Jukebox
Afspelen van een karaoke
Gefrette vingerzetting
Apparaten/scripting
Virtual Singer
FAQ
Software licentie
Technische ondersteuning
Appendices
Afdrukbare handleiding


Gewijzigde hoofdstukken:
In het Engels:

 

Parameter curven

Wat is een parameter curve?

Het geluid van de instrumenten kan worden gewijzigd, terwijl de muziek afspeelt. Parameter curven zijn een snelle en nauwkeurige manier om dit te bewerkstelligen.
In de vorige hoofdstukken kunt u gelezen hebben dat u met de algemene digitale effect instellingen veel kunt regelen. U vindt hen in het in het "Afspeel hulpmiddelen" palet. U kunt niet alleen het geluidsvolume van het stuk verhogen, maar u kunt ook bijvoorbeeld een flinke versterking van de bas of een vermindering van de ruis enzovoorts inregelen. Deze instellingen hebben gevolgen voor alle instrumenten binnen het document. Als u bijvoorbeeld het volume wijzigt, dan geldt deze wijziging voor het hele muziekstuk.

Daarnaast kunnen op iedere notenbalk digitale effect processors worden ingevoegd. Hiermee kunnen bijzondere effecten hoorbaar worden, zoals Distortion, Flanger, Chorus, Reverb enzovoorts. Dit zijn allen "Effect processor" objecten.

Vanaf Harmony Assistant versie 8.0 (Melody Assistant 6.0) kunnen aan iedere notenbalk verschillende curven worden toegekend. Iedere curve definieert de wijze waarop een parameter met de tijd verandert. U kunt zowel curven als effect processors toepassen op dezelfde notenbalk. Als zij met elkaar conflicteren, dan krijgt de parameter curve een hogere prioriteit dan de effect processor.
Een curve zorgt ervoor dat u de variatie van een parameter preciezer kunt controleren dan dat een effect processor dat kan. U kunt de parameterwaarde precies instellen en wel op ieder moment in het geschreven stuk. U kunt hem ook tussen twee verschillende momenten geleidelijk laten veranderen.

Hier volgt een aantal voorbeelden van gebruik:

  • VariŽren van het volume, terwijl een noot wordt afgespeeld;
  • Uitfaden van een muziekstuk;
  • Uitvoeren van een ingewikkelde verbuiging (frequentie variatie);
  • Sturen van specifieke commando's naar een een MIDI synthesizer.

Een parameter curve kan onder twee verschillende omstandigheden werken:

  • Discontinue waarden: de parameter neemt de gewenste waarde aan en houdt deze vast totdat hij een nieuwe waarde moet aannemen;
  • Continue waarden: de parameter neemt de gewenste waarde aan en verandert naar de volgende waarde, waarbij alle tussenliggende waarden worden gebruikt.

Hoe voeg ik een curve in?


Eerder heeft u gezien dat in de rolmodus (dat is de enige weergavemodus die beschikbaar is in Melody Assistant) of in paginamodus met weergegeven controlegrepen (alleen bij Harmony Assistant) er aan de linkerkant van de notenbalk kleine icoontjes staan weergegeven. Het vierde icoontje van bovenaf is een groene driehoek. Als u hierop klikt, dan wordt een pop-up menu geopend. U kunt hier de parameter curve kiezen die u wenst te bewerken. Terwijl een curve wordt bewerkt, dan is de notenbalk grijs gekleurd, om de aanwezige parameter curven gemakkelijk zicht- en wijzigbaar te kunnen maken.

Het eerste menuonderdeel herstelt de standaard weergave en wijzigmodus van een notenbalk om de noten te kunnen bewerken.
De volgende helpt u om de aanslagsterkten van de noten (kracht) in te stellen. Als u nu op de "Toevoegen" knop (met het potlood) klikt, dan kunt u de aanslagsterkte van iedere noot grafisch wijzigen.

Met Harmony Assistant kunt u ook de vertraging en de toonlengte voor iedere noot instellen. Een blauwe, horizontale lijn geeft de vertraging (vanaf het begin van de notenkop) en de toonlengte (lengte van de lijn) weer. Net als die voor de aanslagsnelheid, kunt u deze waarden grafisch wijzigen met de "Toevoegen" knop (met het potlood) ingedrukt.

Het tweede deel in het menu geeft u toegang tot andere parameters, zoals volume, balans (panning), frequentie, koorsterkte enzovoorts. U kunt deze parameters ook definiŽren als zij aan MIDI uitvoer zijn gekoppeld.

In tegenstelling tot de aanslagsterkte, de vertraging en de toonlengte, zijn deze parameter niet gerelateerd aan de individuele noten, maar wel aan de notenbalk zelf. Het wissen of verplaatsen van een noot zal geen gevolgen hebben voor een parameter die in dit gedeelte is ingesteld. Daarom heeft het de voorkeur om de curven te wijzigen nadat u alle noten heeft ingevoegd.

Zodra er een curve bestaat voor een parameter, dan wordt de naam van de curve dik gedrukt in het pop-up menu.

Het derde deel van het menu helpt u om de curven in te stellen, of om wijzigingen toe te passen op de al bestaande curven.  

Hoe bewerk ik een curve?

Een curve is opgebouwd uit segmenten (de gekleurde lijnen) tussen de controlegrepen (de kleine vierkantjes). Aan de linkerkant van een notenbalk vindt u, naast de naam, de minimale en maximale waarde die de parameter kan aannemen. U kunt de minimale, de maximale waarde en de kleur van de curve instellen.

Om een controlegreep in te voegen, klikt u op de notenbalk met de "Toevoegen" knop ingedrukt.
Om de controlegreep te verplaatsen, versleep hem dan met de "Toevoegen" of "Selecteren" knop ingedrukt.
Om een curve te verplaatsen, verplaats dan zijn eerste controlegreep, terwijl u de Shift-toets ingedrukt houdt.
Om meerdere waarden tegelijkertijd te wijzigen, selecteer dan meerdere controlegrepen in de selectiemodus en versleep vervolgens ťťn van hen.
Om een curve in twee delen te splitsen, klikt u op het segment terwijl de "Wissen" knop is ingedrukt.
Om een controlegreep te verwijderen, klikt u op hem met de "Wissen" knop ingedrukt.
Om een curve in zijn geheel of gedeeltelijk te verwijderen, selecteer dan het te wissen gedeelte en kies nu de menuoptie "Wijzig>Wissen".
U kunt delen van een curve kopiŽren en plakken op dezelfde notenbalk. Dit kan ook van de ene naar de andere parameter.
U kunt een waarde aanbrengen of juist verminderen aan een geselecteerd gebied door de Toepassen optie te gebruiken binnen het pop-up menu.
U kunt het geselecteerde gebied (of de hele notenbalk als er geen selectie is gemaakt) vullen met een curve met driehoeken (driehoeksgolf) of vierkanten (blokgolf) als u gebruik maakt van de Toepassen menuoptie in het pop-up menu.

Hoe worden de parameters hoorbaar gemaakt?

De waarden van parameters die als een curve zichtbaar zijn, worden real-time hoorbaar gemaakt als de muziek afspeelt. Dit gebeurt 200 keren per seconde. De waarde wordt gelezen op het gewenste moment in het geschreven muziekstuk en wordt zodanig aangepast dat er een geleidelijke verandering tussen ieder paar controlegrepen wordt voortgebracht. Als er geen segment aanwezig is op een bepaald moment (dit kan gebeuren als u een curve heeft gesplitst door bijvoorbeeld het wissen van een segment), dan wordt de parameter niet hoorbaar gemaakt.

Sommige parameters zijn specifiek voor de digitale uitvoer, terwijl anderen zich alleen op MIDI richten. Er zijn ook parameter die weer voor beiden gelden. De reeks hieronder geeft iedere mogelijke parameter curve weer. Daarbij staat het bijbehorende gebied van actie.

Parameter naam
Beschrijving
Maximum bereik
Digitale uitvoer
MIDI uitvoer
Virtual Singer
Digitale tracks
Volume Uitvoer niveau
vanaf 0 (zacht) tot en met 100 (luid) Ja Ja Ja Ja
Balans
Rechts - links balans positie vanaf -100 (extreem links) tot en met  100 (extreem rechts) Ja Ja Ja Ja
Frequentie Toonhoogte variatie (toonhoogte verbuiging) vanaf -2400 (-2 octaven) tot en met 2400 (+2 octaven) Ja Ja Ja Nee
Zwier / koorsterkte Kracht van de Flanger/chorus
vanaf 0 (geen effect) tot en met 100 (maximaal effect) Ja Ja Ja Ja
Galmsterkte Kracht van de Reverb vanaf 0 (geen galm) tot en met 100 (maximale galm) Ja Ja Ja Ja
Weerklank van het resonerend systeem
Resonator (filter) resonantie vanaf 0 tot en met 100 Ja Nee Ja Ja
Frequentie van het resonerend systeem
Resonator afbreek-frequentie vanaf 50 Hz tot en met 4000 Hz Ja Nee Ja Ja
Distortiekracht
Kracht van de Distortion vanaf 0 tot en met 100 Ja Nee Ja Ja
Distortiekleur
Distortion color (bas/treble) vanaf 0 (bas) tot en met 100 (bright) Ja Nee Ja Ja
Hoog Gelijkmaking: treble vanaf 0 (regulier) tot en met 100 (treble) Ja Nee Ja Ja
Laag Gelijkmaking: bas vanaf 0 (regulier) tot en met 100 (bas) Ja Nee Ja Ja
MIDI-specifiek vanaf a tot en met e
Gebruikergedefinieerd MIDI commando vanaf 0 tot en met 16383 (14-bit MIDI parameter bereik) Nee Ja Nee Nee

Als u uw parameter curve toekent aan alle notenbalken in het document, dan wordt hij toegepast op alle notenbalken MET UITZONDERING VAN die notenbalken waarin een aparte curve voor deze parameter is opgegeven.
Dit zorgt ervoor dat u algemene curven kunt definiŽren voor het hele muziekstuk, die soms worden vervangen door specifieke curven in sommige delen van sommige notenbalken. Voor de beste leesbaarheid raden wij u aan (dit is niet verplicht) om alle algemeen geldende curven aan de eerste notenbalk van het document te koppelen.

Parameter curven voor MIDI

Deze parameters zijn specifiek voor uw MIDI toestel. U kunt hiermee de niet-standaard eigenschappen van uw synthesizer besturen en inregelen.
U kunt in iedere curve van iedere notenbalk tot en met 5 MIDI parameters definiŽren. 

Opmerking: Omdat deze parameters specifiek voor uw synthesizer gelden, kunnen zij andere effecten op andere hardware hebben.


Om dit soort parameters te definiŽren, opent u het instellingen venster van de parameters en kiest u de gewenste parameter in de lijst. Voeg nu een tekst commando in dat naar uw synthesizer zal worden gezonden. De handleiding bij uw MIDI hardware beschrijft deze specifieke onderwerpen.

Het Commando wordt hexadecimaal opgebouwd (16-tallige grondslag, waarbij ieder cijfer van 0 tot en met 9 loopt en iedere letter van A tot en met F). De waarde die van de curve wordt gelezen, wordt gebruikt om sequenties van de tekens 'm' en 'I' in uw commandoregel te vervangen. De 'I' wordt vervangen door de laagste significante bits ("least significant bits" ofwel LSB) van de waarde van de curve. De 'm' wordt vervangen door de meest significante bits ("most significant bits" ofwel MSB). Dit proces wordt in de tabel hieronder weergegeven. Het 'n'-de teken wordt vervangen door het MIDI kanaalnummer.
Alle andere tekens, zoals spaties en komma's, worden genegeerd en kunnen als scheidingstekens worden gebruikt. 

MIDI waarde
 Aantal bits
Geschreven als
0-15
4
l
0-127
7
ll
0-2048
11
mll
0-16383
14
mmll


Laten we een voorbeeld nemen:
In de handleiding van mijn Roland JV-30 synthesizer lees ik dat een specifiek commando gebruikt kan worden om de afbreek frequentie van een intern filter te kunnen beheersen. Dit commando is onderdeel van de NRPN (Non-registered parameter number) sectie. De waarden van dit commando lopen van 0 tot en met 127.

Ik open nu het instellingenvenster in het parameter pop-up menu en kies nu de eerste MIDI parameter curve. Ik voer nu de minimale waarde in (0) en de maximale waarde (127) in. Omdat ik het gebied van 0 tot en met 127 nodig heb, en 7 bits wil gebruiken, moet de waarde van mijn curve daarom in de commandoregel weergegeven worden met de waarde 'II'.
Ik voeg nu de commandotekst "Bn 63 01 Bn 62 20 Bn 06 ll" in (ik verwijs daarbij naar de handleiding van mijn synthesizer). Nu hoef ik alleen nog maar een curve te tekenen die deze commando's voor de interne afbreekfrequenties van het filter naar mijn synthesizer zal sturen. Het teken 'n' wordt vervangen door het kanaalnummer dat voor die notenbalk wordt gebruikt. De "II" wordt vervangen door de waarde die vanaf mijn curve wordt afgelezen.

Opmerking: Harmony en Melody controleren niet de correcte samenhang van de MIDI commandoregel.
U bent daarom zelf verantwoordelijk dat de regel overeenkomt met de beschrijving uit de handleiding van uw synthesizer.



(c) Myriad - Alle rechten voorbehouden